Wat te doen als het woord je midden in de zin ontschiet

Midden in een zin is het woord weg. De meeste leerders stoppen, verontschuldigen zich en schakelen over op Nederlands. Dat is de enige zet die je echt iets kost.

Omschrijf het in plaats daarvan

Moedertaalsprekers doen dit voortdurend zonder het te merken. Je hebt het woord ‘kurkentrekker’ niet nodig — je hebt ‘dat ding om wijn mee te openen’ nodig. De ander levert het woord, en je hebt het geleerd op het moment dat je het nodig had. Dat is tien keer zoveel waard als een woord uit een lijst. Oefen het bewust: kies een voorwerp en beschrijf het zonder het te noemen. Dit is de nuttigste spreekoefening die er is.

Vervang en ga door

Een minder precies woord dat de zin in beweging houdt verslaat het perfecte woord dat nooit komt. ‘Groot’ in plaats van ‘enorm’, ‘gaan’ in plaats van ‘forenzen’ — niemand die het merkt, en het gesprek overleeft. Maak de zin af, ook als hij ergens anders eindigt dan je bedoelde. Een afgemaakte simpele zin is een succes; een afgebroken ingewikkelde leert je niets.

Noteer elk woord dat je moest omschrijven. Die lijst is de waardevolste woordenschat die je ooit zult hebben, want elk woord erop had je echt nodig.

Scroll naar boven